naar vorige pagina naar volgende pagina
De overstek terug

Noord Atlantische Oceaan
Dag 1, Zaterdag 13 mei
vlak bij Bermuda
Rond 11 uur zijn we weg. Het weer is ons gunstig gezind en met de wind 60 graden van stuurboord lopen we al gauw 7 knopen zo recht als het maar kan op mijn lief af. Om half 4 zien we achter ons walvissen op een oostelijke koers. Waarschijnlijk zijn het potvissen. Er komt een vogel voorbij met een lange staart die erg in de boot is geintereseerd.

vogel met lange staart
Dag 2,Zondag 14 mei
33°46'noord, 62°43' west, 150 mijl
De hele nacht jakkeren we voort met 7,5 knopen over de grond. Tegen de ochtend komt hier een eind aan in een fikse onweersbui die recht overkomt. De afstand die we dit etmaal hebben afgelegd is 150 mijl dat schiet op. De rest van de dag is het met 5 knopen tegen zee en wind inhakend. Geen enkele plek is comfortabel om te slapen. We eten bruine bonen met appelmoest. Als ik langer in de kombuis moet staan ga ik denk ik kotsen.

regen terwijl het front over komt
Dag 3, Maandag 15 mei
35°01'noord, 60°49' west, 128 Mijl
Na door oom Tjerks wacht en een gedeelte van mijn wacht heen te hebben moeten motoren, wordt ik 's ochtends getrakteerd op 35 knopen wind op de kop en een uit de hand lopende zeegang. Voorzichtig zet ik een puntje zeil en hak er met een grondkoers van 013° tegen in, erg oncomfortabel. Goddank ruimt de wind door de dag heen, en voor de middag gaat het al weer de goede richting op. De daggemiddelden zijn goed te noemen. We hadden alleen niet verwacht aan de wind te varen, de statistieken van de afgelopen 30 jaarbeloofden ons een bakstag windje.

ruige zee
Dag 4,Dinsdag 16 mei
36°31'noord, 58°59' west, 126 Mijl
Door de dag heen ruimt de wind geleidelijk en 's avonds varen we met een bakstag windje. We zetten de klok een uur vooruit omdat we de 60 graden westerlengte zijn gepasseerd. De weerkaarten laten zien dat het Azoren hoog zich weer herstelt. Zouden we dan toch een 'normale' oversteek krijgen?

vreemde luchten
Dag 5, Woensdag 17 mei
37°44'noord, 56°12' west, 151 Mijl
. De "normale" weerssituatie heeft zich met wrake hersteld, een knoepert van een hoog boven de Azoren met depressies eromheen met 30 tot 45 knopen wind. Waarom worden golven eerst hoog en dan pas lang? In de nacht trekken buien voorbij die donkere vlekken maken in de pikzwarte nacht. De schuimende brekers lichten op door de fluorescerende micro-organismen die erin verdeeld zijn, waardoor de zee eruit ziet als een heelal gevuld met psychedelische sterrenstelsels.

scheuren!
Dag 6, Donderdag 18 mei
39°20'noord,52°57' west, 180 Mijl
De wind neemt toe. Rond de middag loopt het kleiner maken van de fok uit de hand en draait deze zichzelf rond de stag. Een los hangende "zak" zeil slaat zo hard dat ik voor de mast en verstaging vrees. Terwijl wij een oplossing proberen te verzinnen komt er een griend recht onder het schip door, en 10 meter aan bakboord boven water, Tjerk krijgt bijna een hartverzakking. Op 50 meter liggen nog twee walvissen stil, ik denk dat ze op het geluid van de slaande fok zijn afgekomen. De enige oplossing om de verdraaiing van de fok los te krijgen is rondjes varen, geen sinecure bij deze zeegang en wind. Na een rondje of 7 hebben we hem los. Een deel van het achterlijk is kapot geklapperd in de wind en hierdoor kunnen we maar een klein deel van de fok gebruiken. Nou is dit niet erg, want bij deze wind we willen niet meer. Nadat we een keer dwarsgevallen zijn is een reddingslijn uit zijn zak gescheurd en sleept achter het schip, dit lijkt de koers te stabiliseren als een drogue. We besluiten een tros te slepen. Met melkmeisje, een puntje fok en een puntje grootzeil en een uitgestroomde stros gaan we de nacht in.

en scheuren!
Dag 7,Vrijdag 19 mei
40°47'noord, 49°44' west, 171 Mijl
Golven zijn niet te fotograferen, ik heb wel een paar schilderijen gezien waarop golven goed staan weergegeven, zelfs uitleggen gaat niet. Hoe omschrijf je hoe intimiderend een 6 meter hoge golf is. Stel je voor, een vakantiehuisje, maar dan van water gemaakt, wat met 60 km/u op je af komt. Wat goed helpt is naar het strand gaan op een wintermiddag, de branding in lopen en niet terug rennen als die golf er aan komt. Je zou zeggen dat je op een gegeven moment moet wennen aan dat ruige weer, maar het wordt elk uur erger. Rond 3 uur komt het front over waar we al een tijdje regen van hebben, de wind schift en wordt minder en er komt mist opzetten. Laat in de middag draait de wind steeds verder door en de barometer loopt hard op, 1018. Een ijzige wind steekt op uit het noorden en opeens hebben we stroom tegen, waarschijnlijk de Labradorstroom. Door de wind en stroom worden we zuidelijk gedwongen, koers 133°. Nu is het wachten op een nieuwe depressie die ons verder helpt. We steken de kachel aan om alle natte kleren maar eens te drogen.
Dag 8, Zaterdag 20 mei
40°08'noord, 48°50' west, 56 Mijl
De kachel is een weldaad, alle vochtige dingen worden droog. In oom tjerks wacht ontdekt hij een verstekeling, een donker vogeltje dat een beetje op een houtduif lijkt, maar het is wel een zeevogel want de poten hebben zwemvliezen. Op beide vleugels is een lichte streep die naar een streep op de staart wijst. Ik denk dat Huyb hem wel kan determineren. Ik stel de kortegolfontvanger in om een fax over ijsbergen te ontvangen. We varen in een gebied waar de afgelopen 30 jaar in mei ijsbergen zijn gesignaleerd. Rond de middag kunnen we overstag en we varen nu, in plaats van veel te zuidelijk, iets te noordelijk. Na het avondeten halen we de kleine fok eraf en de zetten we de grote fok, doordat we de kapotte kleine fok niet helemaal uit kunnen rollen geeft ie niet genoeg vaart. 's Avonds steekt de wind weer op en al snel staat er weer 40 knopen op de teller, deze keer er tegen in, niet onmogelijk alleen wel uiterst oncomfortabel.Vraag maar aan Huyb of Lambert.

duifachtig zeevogeltje
Dag 9, Zondag 21 mei
41°40'noord, 46°16' west, 106 Mijl
In de middag draait de wind. Het hoog waar we eergisteren tegen op voeren omdat we uit de depressie geslingerd werden, is op weg naar het noord-oosten en een nieuwe jonge depressie dient zich aan. Ik zie een zeeschildpad en dolfijnen. Iets voor middernacht is de wind zover gedraaid dat ik de fok aan de andere kant op de boom zet, en de bulletalie op het grootzeil. De komende 48 uur blijft het waarschijnlijk melkmeisje.

noord atlantic
Dag 10, Maandag 22 mei
42°30'noord, 43°38' west, 128 Mijl
De zon schijnt zowaar vandaag en we maken van de gelegenheid gebruik om ons uitgebreid te wassen. Nat maken met zoet water, shampoo en inzepen, en dan met 1 of 2 ijskoude emmers zeewater de zeep afspoelen. Naspoelen met zoet water om het zout kwijt te raken. In de middag zakt de wind wat in en we zetten de halfwinder. We besluiten hiermee de nacht in te zeilen. Om 22:30 maakt oom Tjerk me wakker de halfwinder is weer aan gort. De wind is niet eens zo sterk maar ze is gewoon op. Ze werd dan ook veel gebruikt op zonnige dagen; de uv stralen hebben hun werk gedaan. We bergen het zeil en zetten de grote fok op de boom, en met 6,5 knop in de juiste richting vervolgen we onze weg. De weerkaarten zien er gunstig uit, halfwinderweer zou ik zeggen ...

melkmeisje
Dag 11, Dinsdag 23 mei
43°64'noord, 40°21' west, 161 Mijl
Nog 1700 mijl naar Scheveningen. De wind zit mee, we schieten aardig op, maar het is wel koud en vochtig. Ik heb veel plezier van het polar ondergoed wat mijn ouders mij ooit cadeau hebben gedaan. 's Avonds gaat de wind even liggen om later weer aan te wakkeren waardoor we de hele nacht goed vaart houden.

alleen op de fok
Dag 12, Woensdag 24 mei
44°48'noord, 36°40' west, 170 Mijl
We zijn over de helft van het rak bermuda-scheveningen. De daggemiddelden blijven goed en als ik de weerkaarten mag geloven dan duurt deze lift, die we van een depressie krijgen, nog 72 uur. Verder was het een vieze grauwe dag met tegenstroom.
Dag 13, Donderdag 25 mei
44°45'noord, 33°13' west, 157 Mijl
Door de dag heen neemt de wind af en loopt de snelheid terug. Rond 16:30 zetten we de parasailer die ons toch een paar uur vooruit helpt, waarna hij, door vlagen en windschiftingen, er af moet. Op grootzeil en fok gaan we de nacht in. De depressie die ons onze laatste lift heeft gegeven zal vrijdag bij Nederland zijn, krijgen jullie een idee wat voor wind we hebben gehad.
Dag 14, Vrijdag 26 mei
46°24'noord, 30°08' west, 132 Mijl
Als ik wakker wordt varen we met een hele lichte wind aan de wind. Omdat de zeegang nog van achteren komt loopt ze er soepel door. Rond 13:00 moet de motor aan want dan is de wind echt op. Het is vrijdag dus ik maak maar een tortilla. En dan is er om 16:00 ineens weer 35 knopen wind, uit het zuid-westen. Met veel gevloek en voor allebei een nat pak gaat het zeil omhoog en we lopen zo weer 7 knopen in de juiste richting. Door de nacht heen zakt de wind wat af tot comfortabel en maken we mijlen.
Dag 15, Zaterdag 27 mei
47°04'noord, 26°37' west, 161 Mijl
We zeilen door de dichte mist, lang leve de radar. De wind houdt nog aan, jammer dat de halfwinder stuk is. Na het avondeten klaart het op en de barometer loopt op. Ik zie blauwe lucht en dat is lang geleden. De weerkaarten voorspellen een treurig eind van de voortgang over 72 uur, zoals gewoonlijk, we zullen zien.

avond
Dag 16, Zondag 28 mei
47°37'noord, 23°20' west, 139 Mijl
Het is een dag vol zeilwisselingen. We beginnen gereefd, dat wordt vol tuig, dan melkmeisje, dan gegeipt, daarna de parasailer en om 21:45 s' avonds is de wind helemaal op. De motor gaat aan en het is weer motoren op de economische stand. Een joekel van een hoge druk gebied ten noorden van ons zal ons de komende dagen dwars zitten. s' Middags hebben we bezoek gehad van een grote groep grienden die s 'avonds ook nog een stuk hebben mee gezwommen.

griend
Dag 17, Maandag 29 mei
48°01'noord, 21°05' west, 92 Mijl
Het is er zwaar tegen in motoren. De zeegang komt van alle kanten en remt tot we nog maar 2,5 knopen vooruit gaan. En dan passeert om 13:30 ineens een front en krijgen we 20 knopen wind schuin van voren. We zetten zeil en komen goed vooruit. Helaas wat te noordelijk naar Ierland, maar ik klaag niet, elke mijl is er één. Ik zie de eerste jan van Gent

avond zon
Dag 18, Dinsdag 30 mei
48°22'noord, 18°30' west, 109 Mijl
Het is een dag van afwisselend zeilen, motoren en motorzeilen. De wind valt geregeld weg, dit gaat de hele dag zo door. De zee is al enige dagen helemaal vergeven van jonge Portugese oorlogsschepen (kwallen), miljoenen en miljoenen van die beesten, allemaal 3 à 4 cm. lang. Ik heb een enorme zonnevis gezien, een raar beest.

miljarden kleine portugese oorlogschepen
Dag 19, Woensdag 31 mei
49°12'noord, 15°55' west, 113 Mijl
De wind is de hele dag goed en s' middags kan ik zelfs een stuk met 6,5 knopen recht op ons doel afvaren. s' Avonds zakt de wind wat in en wordt de koers ongunstiger, maar het is alsnog een wonder dat we diep in een hoge druk gebied nog zo kunnen zeilen. Vandaag landde er een dodelijk vermoeide zwaluw aan boord. We hebben hem gevangen in de hoop hem bij land los te kunnen laten, maar hij had al zijn reserves opgebruikt, helaas. Hij heeft een zeemansgraf gekregen.

zwaluw
Dag 20, Donderdag 1 juni
49°59'noord, 12°43' west, 118 Mijl
Het is verschrikkelijk koud als ik op wacht kom. Gelukkig slaat de verwarming aan. De koers en snelheid worden gedurende de dag steeds minder. De barometer wijst onderhand 1029 aan. Om half 8 boordtijd gaan de zeilen weg en de motor aan op de economische stand Dit houdt in ongeveer 90 mijl per dag, als de tegenwind niet te sterk is. De zonsondergang heeft een groene tint.
Dag 21, Vrijdag 2 juni
50°14' noord, 10°21' west,94 Mijl
De kleur van het water veranderd als we het continentaal plat opvaren. De diepte loopt terug van 2000 naar 100 meter en we moeten weer gaan opletten voor vissersschepen.
Dag 22, Zaterdag 3 juni
50°05' noord, 7°55' west, 93 Mijl
De hele dag motoren we. s Avonds om 20 over 9 zien we de lichten van de Isle of Scilly. Scholen makreel schieten voor de boeg weg met lichtende sporen als Bengaals vuur. Ze zijn prachtig te zien door het gladde water. We gaan door het eerste verkeersscheidings stelsel zonder verkeer. Nog 15 mijl naar het waypoint.

paarse zonsondergang